Demissionair minister van Defensie Ruben Brekelmans (VVD) wilde echt „niet zomaar bij het kruisje tekenen” voor een coalitie met GroenLinks-PvdA, zei hij zondag bij tv-programma Buitenhof. En een samenwerking zou heel lastig worden. Maar als de VVD GroenLinks-PvdA zou uitsluiten, zou „het land heel moeilijk bestuurbaar” worden. Een „centrum-rechtse coalitie” is nu eenmaal „niet in zicht”, zei Brekelmans over de recentste peilingen.
Eventjes leek Brekelmans met dat optreden de relatie tussen GroenLinks-PvdA en de VVD wat op te lappen, maar diezelfde middag schreef hij op X: „Ik heb mij bij Buitenhof niet goed uitgedrukt. Laat ik daarom heel duidelijk zijn: regeren met GroenLinks-PvdA is voor de VVD totaal ongeloofwaardig.”
Er zijn weinig landen met zulke onvoorspelbare formaties als Nederland
Simon Otjes universitair docent Universiteit Leiden
Daarmee sloot hij weer aan bij de lijn van partijleider Dilan Yesilgöz. Die benadrukte een dag eerder op het VVD-verkiezingscongres dat GroenLinks „de PvdA hard uit het midden heeft weggerukt”. Samenwerken achtte ze daarom hoogstonwaarschijnlijk.
Volgens hoogleraar politieke communicatie aan de Vrije Universiteit Mariken van der Velden is het „atypisch voor de Nederlandse politiek dat Yesilgöz zo expliciet andere partijen uitsluit”. Over het algemeen sluiten middenpartijen alleen radicaal-rechts uit, wanneer die zich antirechtsstatelijk opstellen. Verder willen politici tijdens de campagne zich niet vastleggen, om tijdens de formatie de handen vrij te hebben.
Yesilgöz lijkt daar minder aan te hechten, gezien haar afwijzen van GroenLinks-PvdA nu, volgend op haar uitsluiten van PVV na de kabinetsval in juni.
‘Blokvorming’
Volgens Simon Otjes, universitair docent Nederlandse politiek aan de Universiteit Leiden, zorgt Yesilgöz’ positie voor „helderheid voor de kiezer”. Partijen zouden elkaar vaker moeten uitsluiten vóór de verkiezingen, vindt hij. Otjes wijst erop dat zulke ‘blokvorming’ in Zweden, Noorwegen, Spanje en andere parlementaire democratieën al gebeurt. In Noorwegen heeft de Arbeiderspartij maandag de verkiezingen gewonnen met vier kleine links-progressieve partijen die al hadden afgesproken een coalitie te vormen.
Otjes: „Weinig landen hebben zulke onvoorspelbare formaties als Nederland. Kiezers hebben geen grip op die formatie, terwijl ze die wel proberen te beïnvloeden. In 2012 streden Diederik Samsom (PvdA) en Mark Rutte (VVD) met elkaar. Die hadden twee andere visies voor Nederland. Toch kregen we Samsom én Rutte.”
Die gang van zaken vonden kiezers vreemd: VVD en PvdA schoten omlaag in de peilingen. De volgende verkiezingen werd de PvdA gedecimeerd. Dat het in Nederland normaal is dat vrijwel elke combinatie van partijen een kabinet kan vormen, „houdt het land bestuurbaar maar de kiezer ontevreden”, zegt Otjes.
Lees ook
Yesilgöz maakt excuses aan Douwe Bob, terwijl haar partij het steeds slechter doet in de peilingen
Polariserend
Maar profileren tijdens de campagne door andere partijen uit te sluiten, is niet ongevaarlijk. Yesilgöz veroorzaakt daarmee een ánder probleem: kiezers lopen weg, omdat ze haar te polariserend vinden. Zondag versterkte ze dat beeld door te zeggen dat de VVD niet in een kabinet plaatsneemt dat de hypotheekrenteaftrek verlaagt. CDA, D66 en ChristenUnie, waarmee de VVD vaak heeft bestuurd, willen die verlaging.
Otjes beschouwt die houding van de VVD als nadelig: „Wie veel eist, maakt het zichzelf moeilijk in de formatie.”
Maandag heeft de VVD ook een campagnefilmpje gemaakt waarin de partij expliciet zegt een coalitie te willen vormen met CDA, D66, JA21 en BBB. Volgens Peter Kanne, onderzoeker bij Ipsos I&O, is die coalitie „heel gekunsteld”. Want: „Kiezers geloven niet dat die partijen samen 76 zetels halen.”
Kanne ziet dat kiezers de starre houding van de VVD tegenover GroenLinks-PvdA ook niet realistisch vinden. Afgelopen jaren wilden kiezers onder meer op de VVD stemmen, ziet Kanne „omdat die partij zorgde voor stabiel landsbestuur. Dat betekent óók compromissen sluiten”.
Hoeveel de houding van de partijen nu daadwerkelijk uitmaakt in de formatie, is ook maar de vraag. Van der Velden: „Na de verkiezingen is er een nieuwe realiteit en een nieuwe gelegenheid om uit te leggen waarom iets misschien wél moet.”
Bontenbal
Op dezelfde zaterdag dat Yesilgöz hard uithaalde naar GroenLinks-PvdA, koos partijleider Henri Bontenbal op het CDA-verkiezingscongres de tegenovergestelde route. Volgens Bontenbal moet het aantal asiel- en arbeidsmigranten „fors omlaag” en willen „de meeste partijen hetzelfde”. Het CDA, GroenLinks-PvdA en de VVD „willen alle drie inzetten op een gematigde bevolkingsgroei”.
Bontenbal houdt de routes over rechts én links dus open. Volgens Van der Velden is dat „niet gek”. Het CDA was al heel vaak „de kern waarmee in Nederland coalities worden gevormd, de verbinder”.
Volgens opiniepeiler Kanne is de houding van Bontenbal verstandig. „Hij doet wat zijn voorgangers ook altijd deden: alle opties zo lang mogelijk openhouden.” Als hij nu kleur bekent, schrikt hij linkse of rechtse kiezers af.
Een coalitie van VVD met CDA, D66, JA21 en BBB is gekunsteld. Kiezers geloven niet dat die samen 76 zetels halen
Peter Kanne onderzoeker Ipsos I&O
Otjes ziet, ondanks de goede peilingen voor Bontenbal, wel een gevaar op de lange termijn: „Hij maakt de partijen tot één pot nat. Daarmee enthousiasmeer je de Nederlandse kiezer niet tot stemmen.”
Otjes maakt zich „zorgen over hoe de volgende verkiezingen eruitzien als we nu een breed middenkabinet krijgen”, waarin CDA, GroenLinks-PvdA én VVD deelnemen. Die angst is ook in Den Haag te horen: als vrijwel het hele politieke midden in één coalitie gaat, zoals Bontenbal voor mogelijk houdt, kunnen centrumpartijen flets overkomen door compromissen te sluiten die geen kiezersgroep écht tevreden stellen.
En iedereen in Den Haag weet wie dáárvan kan profiteren: radicaal-rechts – met Geert Wilders voorop.
Lees ook
Zelfs met taboes als de hypotheekrenteaftrek oogst Bontenbal hard applaus
Delen
Mail de redactie